| Koloniehuizen van Oostvoorne. Door Wout Krispijn
Ik was scheepswerktuigkundige op de grote vaart en op 22 jarige
leeftijd in 1961 met studieverlof thuis. Ik woonde bij mijn ouders
aan de Zeeweg in Oostvoorne. Hoe gaat dat in het leven. Je dronk
bier in Buitenlust ( biertje 0,60 cent) en later op de avond ging
je naar hotel van Marion ( biertje fl. 1,25) op de Zeeweg. Daar
gingen we dansen en "op jacht". Natuurlijk kwamen er
leuke meisjes uit Oostvoorne en omstreken. Op sommige was je
verliefd, maar het werd nooit wat. Dank zij de drie Koloniehuizen
op Oostvoorne, Ons Genoegen, Naar Buiten en het Agathahuis en ook
wel Vredeheim op Rockanje, toen verzorgingstehuis, zag je
regelmatig zeer leuke meiden lopen met hun groepje kinderen. Je
zag nooit uit welk Koloniehuis ze kwamen. Allemaal in blauwe rok
,het witte schortje en de witte sokjes. Ons Genoegen werd ook wel
eens omgedoopt in Mijn Genoegen. De directrices van de
Koloniehuizen waren zeer streng, evenals mevrouw van Marion van
hotel van Marion, die er persoonlijk op toezag dat je je correct
gekleed binnen kwam en dat er op de dansvloer en in de zaal niets
gebeurde wat niet door de beugel kon. Die meiden van Koloniehuizen
moesten 's avonds al vroeg binnen zijn. Agathahuis om tien uur en
Ons Genoegen half elf. Dat was vroeg als je net al je charmes in
de strijd had geworpen om zo'n meisje te versieren bij van Marion.
De toenmalige directrice van Ons Genoegen en haar assistente, de
dames Swart en van Houten, waren ook zo streng,maar aan de andere
kant waren ze ook vooruitstrevend. Zodra een relatie tussen een
dorpsgenoot en een juffrouw van Ons Genoegen wat serieuzer werd,
hoefde je niet meer stiekem buiten te staan vrijen, maar mocht je
in de ontvangstkamer een kopje thee komen drinken en als er geen
theeliefhebbers meer waren, deed je gewoon het licht uit. Ons
Genoegen was wel het meest populaire Koloniehuis, waarschijnlijk
omdat het groter was en er de meeste meiden van rondliepen. Veel
generaties Oostvoornse mannen en misschien wel van het eiland,
hebben hun echtgenote gevonden uit de juffrouwen van één van de
drie koloniehuizen. Ook van voor de tweede wereldoorlog zijn er
heel wat leidsters van de drie Koloniehuizen, op Oostvoorne aan
een man blijven hangen. En zo ben ik van één van de naoorlogse
gelukkigen die zijn koloniehuisprinses heeft leren kennen in 1961.
Mieke Kok , dochter van een melkboer uit Sliedrecht. Achttien jaar
oud. Ze liep stage in het Agathahuis. Ik had haar al een paar keer
zien lopen met haar kindertjes en ja , hoe gaat dat ! Ik zat thuis
te studeren en je zag ze wel eens langs wandelen en dat was het
dan. Gelukkig kwam ik ze een keer tegen op de dansvloer bij van
Marion. Maar op een gegeven moment was het net Sneeuwwitje.
Voordat de klok tien uur slaat, rennen langs de boulevard en de
Duinlaan om zich, samen met collegaatjes precies om tien uur af te
melden bij Zustertje, zoals directrice mevrouw ……..werd
genoemd. Even scharrelen was er nauwelijks bij. Dat schiet niet
op. Voor ons begon de avond net. Zustertje was alergies voor
mannen. Soms als er een man aan de voordeur stond, riep ze van
verre: "Ik hoor mannenstemmen!!!" Nadat we de dames
afgeleverd hadden, gingen we terug naar van Marion. Maar daar was
het na het vertrek van de dames was het daar niet gezelliger
geworden. De tijd verliep en de omgang met juffrouw Mieke werd een
klein beetje serieuzer. In elk geval deed ikzelf heel erg mijn
best, want ik was verliefd. Het naar huis brengen om tien uur op
een mooie zomeravond werd dan ook wel een kwelling, het was nog
niet eens donker. Totdat de dames zelf wat brutaler werden en de
oplossing vonden om zich precies om tien uur af te melden en via
een raam op de begane grond weer te ontsnappen. Iedereen gelukkig.
Zustertje, want die wist van niets, de dames en wij. Wij lieten
ons niet onbetuigd, maar gekke dingen gebeurde er in die tijd
nauwelijks. Tegen twaalf uur leverden we de dames weer af bij het
nog openstaande raam. Nee, we hebben nooit de pech gehad dat het
raam inmiddels gesloten was. Mijn verkering werd door juffrouw
Mieke een aantal keren uitgemaakt. In een voor mij
"zwarte" week, zakte ik eerst voor een examen en tot
overmaat van ramp ook de verkering weer uit. Dank zij haar
stagejaar in het Agathahuis tot Oostvoorne , was juffrouw Mieke
inmiddels geslaagd voor het diploma Kinderbescherming Diploma A en
zij vond een nieuwe baan in het kindertehuis aan de Julianalaan in
Rotterdam. De verkering raakte weer aan, maar nu was ik ook
geslaagd en ik moest weer naar zee. Een reis van vier maanden. We
schreven veel brieven en ik stuurde rozen. Als ik dan na vier
maanden weer in de haven van Rotterdam terug kwam, dan had ik de
wacht aan boord van mijn schip en was Mieke vrij en de volgende
week was ik vrij tijdens het weekend en had Mieke weekend dienst.
Omzetten? Dat deed je niet in die tijd. In december 1966, na een
verkering van 5 jaar, zijn we getrouwd. In die periode hebben we
elkaar vijf maanden gezien. Het was dus een soort PBNA verkering.
PBNA was een instelling voor schriftelijke cursussen. We woonden
een paar jaar op de bovenetage van een grote villa aan de F.H.G.
van Itersonlaan. Daar werd ook onze eerste dochter Annette
geboren.Nu, in het jaar 2004, kenen we elkaar 43 jaar en zijn we
bijna 38 jaar getrouwd. We hebben twee dochters en een zoon en
inmiddels loopt kleindochter Britt van 17 maanden rond als het
evenbeeld van Moeder Annette en Oma Mieke. Enkele
collega-vriendinnen uit de periode Agathahuis van Mieke waren in
jaren 1961 waren o.a. Sjanie Bijl en Conny Bos. Zij kwamen
regelmatig op visite bij ons aan de van Itersonlaan en in die
periode hebben zij weer hun Oostvoornse mannen leren kennen nl.
mijn neef Leo Moerman en Leen van de Berg. Dus na aan aantal jaren
werden dat mevrouw Sjanie Moerman - Bijl en mevrouw Connie van de
Berg - Bos. We zijn stijf bevriend.Nog altijd vinden er tussen de
heren en de dames woordenwisselingen plaats. De dames vinden dat
zij inteelt in Oostvoorne hebben weten te voorkomen en wij vinden
hen "asielzoeksters". Hoe het ook zij, dank zij het
Agathahuis en het openstaande raam zijn wij alle drie al vele
jaren gelukkig getrouwd.
Ondanks dat elke Oostvoornaar weet dat er drie koloniehuizen
waren en dat daar bleekneusjes kwamen en na zes weken met bolle
toetjes en rode konen weer naar huis gingen, weten maar weinigen
wat precies de bedoeling was van zo'n Koloniehuis. Enkele citaten
uit het stageverslag van Mieke:
De uitzending van kinderen naar een koloniehuis heeft tot doel
hun weerstand te vergroten. Onder de uitgezonden kinderen heeft
het nerveuze kind tegenwoordig de overhand. Door voldoende rust,
veel buitenlucht, goede voeding en prettige bezigheid, wordt
getracht het kind weer in zijn of haar evenwicht te brengen.
Verder probeert men:
- Bestaande afwijkingen te verbeteren zoals bedwateren en astma
- Het kind na ernstige ziekte of operatie, meer weerstand te
geven.
De kinderen voor het Agathahuis komen voornamelijk uit
Rotterdam.
De eigenschappen en vaardigheden die nodig zijn om een goede
kinderverzorgster te worden zijn:
- Liefde hebben voor de kinderen.
|